wiskundige benadering:
We hebben een verzameling V van dingen die we vectoren noemen en een
verzameling F van dingen die we scalars noemen en we weten niets over die
dingen behalve dat ze aan een aantal eigenschappen voldoen (...def 1.1.1)
vraag: wat kunnen we dan over die vectoren en die scalars zeggen?
werkwijze: we voeren een aantal concepten in: vrij deel (lineaire
afhankelijkheid ), voortbrengend deel, basis, dimensie, coordinaten.
praktischere benadering:
In de praktijk is een vectorruimte een verzameling dingen die we met
coordinaten kunnen beschrijven (waarbij de ``coordinaatgetallen'' alle
waarden van een veld kunnen aannemen, typisch R, en waarbij de optelling
van die coordinaten en vermenigvuldiging met een scalar betekenis heeft
voor de toepassing). Vaak bestaat de vectorruimte gewoon uit alle lineaire
combinaties van een gegeven stel objecten die dan een voor de hand liggende
basis vormen.
Toch is het vaak van belang (bijvoorbeeld als we over coordinatentransformaties
nadenken) terug te kunnen vallen op de achterliggende theorie (waarin over
vectoren gesproken wordt onafhankelijk van coordinaten.)