Paragraaf 1.1

De wiskundige definitie van wat een vectorruimte is. Deze definitie is nogal abstract, maar ze laat toe om in gevallen waar het "praktisch redeneren" met behulp van coördinaten niet mogelijk is (nl. oneindigdimensionale vectorruimten), toch het begrip vectorruimte te hanteren. De begrippen lineaire combinatie en deelruimte. 
 
 
 
 

Paragraaf 1.2

Het verband tussen de wiskundige kijk en een meer praktische kijk op (eindigdimensionale) vectorruimten. De rol van een basis en coördinaten daarbij. En de meetkundige interpretaties die hiermee samenhangen. Een intuïtief idee van lineaire (on)afhankelijkheid, vrije en voortbrengende delen. (verondersteld gekend).
Uitzuiveren van een voortbrengend deel tot een basis die dezelfde deelruimte voortbrengt. 
 
 
 
 

Paragraaf 1.3

Intuïtief omgaan met dimensies van deelruimten en hun doorsneden en sommen.
Werken met deelruimtes, gegeven door een voortbrengend deel of een homogeen stelsel. 
 
 
 
 

Paragraaf 1.4

Een eerste elementair beeld van een lineaire afbeelding, de kern, het beeld, en het verband tussen de bijhorende dimensies.